OCEANRANGER 38

bekijk alle 9 foto's
De Oceanrangers zijn rondspant halfglijders, voorzien van een lange kiel, die zorgt voor koersstabiliteit en bijdraagt aan de stijfheid van het casco. Aan de kiel is een stalen roerhak gemaakt, waarop het stalen (8 millimeter dikke balansroer rust). In het voorschip met diepe V-vorm zit een forse glijrichel, die uitloopt in terugvallende kimmen, die tot aan de spiegel doorlopen. Aan het ontwerp van het onderwaterschip is weinig meer te verbeteren. Door de ronde vorm heeft de boot de soepele bewegingen van een ronde waterverplaatser, terwijl het scherpe voorschip, de kiel en de kimmen ervoor zorgen dat de boot ook bij ruw weer rustig vaart en dus een flinke snelheid kan aanhouden. Het casco van het type 38 (afmetingen 11,77 x 3,85 x 1,10 meter, kruiphoogte 2,70 meter) is gemaakt van een handgelegd laminaat van glasvezel en polyester (met een gemiddelde dikte van 27 millimeter) verstevigd met wrangen, spanten en drie ingelamineerde schotten. Ook de zware en lange motorfundatie draagt bij aan de sterkte. Dekken en daken zijn gemaakt in een sandwichconstructie met een kern van balsahout. Het achterschip wordt verstevigd en beschermd door lange aanloopranden, die met zware massieve rubber stootranden zijn afgewerkt. Aan de spiegel is een zwemplatform bevestigd, toegankelijk via een deur, dat eveneens met een stevige rubberstrip is beschermd. De rubberstrips zijn van binnenuit met roestvast stalen bouten aan het casco vastgeschroefd. De bouten en de schroefgaten zijn geheel in polyester ingekapseld, zodat de constructie volledig water- en dampdicht en vrij van speling is. De RVS handrelingen op de daken en aan dek zijn op dezelfde wijze vast gemaakt.
Jansma Jacht B.V. uit Sneek, die de casco's importeert, levert de boot in beginsel met één motor. Dit in afwijking van de Aqua-Starwerf op het kanaaleiland Guernsey, die zweert bij 2 motoren. 'De boot levert op één motor vrijwel dezelfde prestaties, zegt hij, 'terwijl de techniek veel minder gecompliceerd is. Met twee motoren heb je grotere tanks nodig en verder alles tweemaal: startaccu's, filters, wierpotten, schroeven, roeren, uitlaten.' In ons proefschip staat - op een zware stalen strip, die in de motorfundatie is vastgelamineerd - een opgeladen zescilinder Caterpillar diesel met een slagvolume van 6,6 liter, die een vermogen levert van 355 pk bij 2800 toeren per minuut. Via een Twindisc keerkoppeling met een reductie van 1,8:1 drijft hij een rechtse 5-blad bronzen cavitatievrije skewback schroef (van Teignbridge) aan. De schroef (diameter 22, spoed 16 duim) is gemonteerd op een watergesmeerde roestvrij stalen as met een diameter van 5 centimeter. Voor de watersmering wordt motorkoelwater afgetapt achter de wierpot (het wordt dus gefilterd) en naar de as gevoerd. Dit is bedrijfszekerder dan een apart circuit voor de as. Vooral ook omdat de boot met 2 wierpotten is uitgerust. Als de dienstdoende wierpot wordt volgezogen kan de andere worden bij gezet zonder dat de motor hoeft te worden stop gezet. De motor - gewicht 1000 kilo - is conventioneel ingebouwd: op stevige rubber motorsteunen met een gewone flexibele koppeling. De werf, die deze boten al ongeveer 15 jaar bouwt, monteert geen homokinetische koppelingen, omdat ze die te kwetsbaar vindt voor de doorgaans zware omstandigheden, waarin vooral de werkboten van Aqua-Star gewoonlijk worden gebruikt. De hogere geluidsniveaus, die het gevolg van deze keuze zijn, worden daarbij aanvaard. Er is bij de afbouw (door vlettenbouwer Valk in Franeker) veel aandacht besteed aan geluiddemping. Door de zware constructie van het casco en de zware motorfundatie treden vrijwel geen trillingen op. Valk, die op de vletten opmerkelijk lage geluidswaarden weet te bereiken, benut zijn expertise op dit punt ten volle. Zo staat de motor in een grote geluiddempende kist die van binnen met isolerend schuimrubber met een harde kern is bekleed. Aan de bovenkant - de motor staat onder de stuurhut - werkt de vloer als een tweede isolatielaag. De vloerdelen rusten op rubber strips, die op de vloerdragers zijn gelijmd, zodat langs de randen geen geluidslekken optreden. Schotdoorvoeren voor leidingen en bedrading zijn dicht gekit of vol geschuimd. Lucht zuigt de motor aan, via ruisdempende slangen door roosters met waterkering, die zijn aangebracht in de boorden van het schip. Elektrische afzuiging kan de luchtaanvoer vergroten en is tevens bedoeld om de warme lucht af te voeren, die ontstaat als de motor is gestopt. De uitlaat is watergekoeld door middel van een (geluiddempend) RVS waterslot, terwijl de uitlaatdoorvoer in de spiegel is voorzien van een terugslagklep om te voorkomen dat er water in de motor doordringt en waterslag veroorzaakt (een risico bij plotseling stoppen of stilliggen in een achterop komende zee). De brandstoftank (1000 liter) met ontluchting staat dwars voor de motor. De brandstof bereikt de brandstoffilters op de motor via een extra waterafscheider en Racorfijnfilter. Het wordt bovenuit de tank aangezogen. Daardoor kan geen bezinksel worden aangezogen (dat kan overigens via de waterzak worden afgetapt).
Elektriciteit
De boot heeft een 24 volts boordnet dat wordt gevoed door 4 accu's van 120 ah voor de boordapparatuur en 2 accu's van 120 ah voor het starten van de Caterpillar. In het startcircuit is een relais opgenomen dat ervoor zorgt dat de startaccu niet kan ontladen vanaf het moment dat de motor wordt gestopt. Er is ook een noodkoppel, dat alle accu's koppelt, zodat er gestart kan worden als de startaccu's leeg zijn. De installatie omvat verder een omvormer (24 volt/220 volt), een 24 volts lader met een capaciteit van 25 ah en een walaansluiting. De motor drijft een 24 volts dynamo aan, die 66 ah kan leveren. Het net, dat ook nog voorziet in een transformator van 24 naar 12 volt (ten behoeve van audioapparatuur), wordt beveiligd door automatische zekeringen. De leidingen liggen vastgeklemd in kabelgoten.
Interieur
Het interieur van de Aqua-Star heeft de fraaie klassieke stijl, die we kennen van de Valkvletten. Standaard is een mahonie betimmering, maar ons proefschip is voorzien van een teak interieur. Kenmerkend zijn stevige handgrepen, forse slingerranden, geborgde laden en deuren. Deuren, laden en kasten blijven dan ook dicht tijdens ons reisje op een winderige Waddenzee, hoewel we menige schuiver van passerende zeevaart te verduren kregen. En piepen of rammelen is er ook niet bij. Kenmerkend voor de afwerking is dat laden en kastjes van binnen net zo mooi zijn gelakt als aan de buitenkant. De verlichting bestaat uit halogeen spotjes en tl-buizen (wc, kombuis). In het hele schip liggen teak vloeren, ingelegd met essen.
Voorschip
In het voorschip zit de eigenaarshut. Hier staat een dubbelbed met aan weerskanten legplanken. Aan bakboord is een hangkast. Ook onder het bed is bergruimte gemaakt. Een vluchtluik en drie patrijspoorten zorgen voor ventilatie.
Kajuit
In de kajuit zit aan bakboord een dinnette (met ruime laden eronder), die tevens 2 slaapplaatsen biedt. Daartegenover zit een ruime toilet/douche met wc, wasbak en handdouche. De (elektrische) wc loost op een kleine (40 liter) RVS zwart watertank. De douche en de wastafel (en de gootsteen) lozen op een RVS grijs watertank met een inhoud van 300 liter. Belde kunnen via een versnijdingspomp lozen op een opvanginstallatie of direct overboord.
Kombuis
Tegenover de dinnette zit de L-vormige kombuis met vierpits beveiligd gaskooktoestel en gasoven. Via koperen leidingen zijn ze verbonden met de geventileerde gasbun voor twee grote butagasflessen in de zelflozende kuip. Bij de gootsteen zit een mengkraan, die koud en warm water levert. Dat laatste is afkomstig van een boiler, die werkt op motorkoelwater of op 220 volts walstroom. Drinkwater wordt aangevoerd uit 2 roestvrij stalen tanks van elk 300 liter. Verder: een 80 liter compressorkoelkast (verbruik 0,8 ah), een afzuigkap en veel bergruimte in kastjes en laden.
Stuurhut/salon
Via een trapje komt men in de stuurhut/salon. Vooraan aan bakboord is de stuurstand, uitgerust met een draalbare stuurstoel en een losse voetenbank. Aan stuurboord is een tweepersoons zitbank bij een navigatietafel met bergruimte voor kaarten. Zowel boven de stuurstand als boven de kaartentafel zit er een ventilatieluik in het plafond. De voorramen en de voorste zijramen zijn - uit praktische en uit veiligheidsoverwegingen - vast en uitgevoerd in dubbel glas, waardoor ze vrijwel niet beslaan. Er zitten opvallend stille ruitenwissers op de voorramen, terwijl er ook ruitensproeiers op zitten, waarmee men zout water kan wegspoelen. In de zijkanten zitten schuiframen, terwijl er aan de achterkant 4 klapdeuren zitten, die met mooi weer open gezet kunnen worden, zodat de kuip en de stuurhut een doorlopende ruimte worden. Aan stuurboord is een L-vormige zitbank gemaakt, die veranderd kan worden in een tweepersoons kooi. Onder de bank zitten laden. De bijbehorende tafel kan zeevast op de vloer worden vastgeschroefd. Aan stuurboord is verder een kastenwand. Ons proefschip is uitgerust met een magnetisch kompas, Simrad stuurautomaat, een VDO gps/kaartplotter, marifoon, schijnwerper en boegschroef. Op het stuurhutdak staat een roestvrijstalen elektrisch strijkbare mast, die bediend wordt met hetzelfde pookje als de (8 pk) boegschroef. In het midden van het plafond zit een houten grijpreling over de volle lengte van de stuurhut. Via vloerluiken heeft men toegang tot de motor, de accu's, de wierpotten en de Racorfilters.
Kuip
Door het ver overstekende stuurhutdak is de kuip halfoverdekt. Men kan hier aan drie kanten zitten op kistbanken, die ruimte bieden aan touwwerk en stootwillen. In de doorlopende dubbele stuurhutwand aan stuurboord staan de gasflessen. Aan bakboord is van deze ruimte een hangkast gemaakt voor natte kleding. Via een deur in de spiegel bereikt men het zwemplatform met zwem- en reddingtrap en buitendouche. Onder de kuipvloer, waar de watertanks staan, is een grote bergruimte. De ruimte is toegankelijk via aan groot luik, dat gemakkelijk te openen is dankzij een gasveer.
BRON: MOTORBOOT











